Info over de grasparkiet

Wist u dat:

Grasparkieten erg intelligente dieren zijn? Een grasparkiet graag gezelschap heeft van een of meer soortgenoten? Grasparkieten met elkaar communiceren door geluiden, en dat een eenzame grasparkiet soms de taal van 'zijn' mensen overneemt om bij de groep te horen?

Algemeen

De grasparkiet is een papegaaiachtige, die op grote schaal in ons land gekweekt wordt. De wildkleur van de grasparkiet is geelgroen. De keel en voorkant van de kop zijn geel, met een violetblauwe vlek op iedere wang en drie zwarte stippen aan weerskanten van de keel. Op de achterkant van de kop, bovenkant van de rug en vleugels is iedere veer geel-groen met daarop zwarte banden. Onderrug, stuit en buik zijn groen. De lange staartveren zijn donkerblauw. De grasparkiet is een kleine vogel van gemiddeld achttien centimeter groot.
Als u overweegt om een grasparkiet als huisdier te kopen, is het belangrijk dat u zich van tevoren goed laat informeren. Deze huisdierenbijsluiter is hierbij een hulpmiddel.

Verschillende varianten

De wildkleur is in ons land bijna niet te vinden, omdat er - sinds het exportverbod dat Australië sinds eind jaren vijftig hanteert - veel gekweekt is met deze soort. Er zijn gekweekte grasparkieten in allerlei kleuren: blauwe, groene, gele, witte, bonte, violette, grijze en nog veel meer variaties.
Er bestaan zelfs grasparkieten met een kuif, maar deze hebben tevens een afwijkende bouw van de hersenen en soms gedrags- en zenuwstoornissen. Men ging ook steeds grotere vogels kweken, en zo ontstond de zogenaamde Engelse Grasparkiet, een 'reus' van soms wel 24 centimeter. Helaas hebben al te grote Engelse grasparkieten nogal eens lichamelijke problemen omdat ze letterlijk 'uit hun krachten' zijn gegroeid.

Natuurlijk gedrag

Grasparkieten komen oorspronkelijk uit Australië, en komen daar overal voor behalve in de kustgebieden. Ze bewonen de droge grasvlakten en vliegen daar in enorme zwermen rond. Het zijn intelligente en sociale dieren. Grasparkieten houden onderling contact door het maken van contactgeluiden. In de morgen verzamelen de groepen, die in grootte kunnen variëren van 20 tot wel 25.000 vogels, zich om te drinken en te baden. Ze brengen de ochtend door met voedsel zoeken. In de middag rusten de vogels in de schaduw in de takken van een dicht bebladerde struik, en later gaan ze weer fourageren. 's Avonds zoekt de groep een slaapboom op. Het nestelen gebeurt in holten in takken van levende en dode bomen.

Huisvesting

Grasparkieten zijn echte groepsdieren, en kunnen zowel binnenshuis als buiten in een volière worden gehouden. Het zijn verdraagzame vogeltjes, die het liefst in een even aantal worden gehouden. Een volière dient voorzien te zijn van een - liefst verwarmd - tochtvrij binnenverblijf. Als zitstokken kiest u liefst natuurlijke takken. De bodembedekking in een volière kan bestaan uit metselzand. Houdt een oppervlakte van 1 vierkante meter per paartje aan.
De minimale afmeting van een kooi in de woonkamer voor één vogel is 40x35x55 centimeter, hoewel het niet aan te raden is om een groepsdier als de grasparkiet alleen te houden. Kies dus liever voor een grotere kooi voor tenminste twee parkieten. Zet de kooi niet in de directe zon maar wel op een lichte, tochtvrije plek. De kooi moet minimaal twee zitstokken bevatten, liefst van variabele dikte. Kies bijvoorbeeld verse boomtakken. Zorg ervoor dat de stokken niet te dun zijn, de tenen mogen ongeveer twee derde van de omtrek van de stok omsluiten. Horizontale tralies zijn het beste zodat de parkieten kunnen klimmen. De bodembedekking kan bestaan uit stuifvrije kattenbakkorrels, zeoliet, beukensnippers, bodemmateriaal uit maïskorrel of schelpenzand. Zorg ook voor voldoende speelgoed en klimgelegenheid. Houten trapjes vinden grasparkieten bijvoorbeeld erg leuk. Een klimboom in de woonkamer is een aanrader als de vogels los mogen. Onze woonkamers zijn veelal te droog voor papegaaiachtigen. Douche of sproei de vogels daarom regelmatig, en zorg voor badgelegenheid.

Verzorgen en hanteren

Grasparkieten zijn zeer intelligent en hebben voldoende uitdaging nodig in de vorm van een soortgenootje en speeltjes. Soms zullen twee parkietjes behoorlijk gaan kwetteren, maar wanneer u ze van voldoende bezigheden voorziet, blijft dit beperkt. U doet ze bijvoorbeeld een enorm plezier met verse wilgen-, vlier-, berken- en onbespoten fruitboomtakken. U kunt uw grasparkieten trainen om netjes op uw hand te stappen en te accepteren dat zij in de hand genomen worden, al dan niet in een handdoek. Sommigen laten hun grasparkietjes kortwieken, zodat ze veilig mee naar buiten kunnen. Het kortwieken van uw huiskamervogels kunt u, zeker in het begin, het beste aan ervaren personen overlaten.
Laat u de parkiet af en toe los in de huiskamer, zorg er dan wel voor dat er geen gevaarlijke objecten zijn, pas op met giftige planten, open haard, kaarsen en dergelijke. Doe de gordijnen dicht zodat de vogel niet tegen het raam vliegt en houdt rekening met andere huisdieren zoals katten en honden. Werk snoeren veilig weg. Laat de parkiet nooit uit de kooi voor hij tam is! Als grasparkieten goed worden opgevoed, kunnen ze heel vertrouwd raken met hun verzorger. Een grasparkiet die alleen gehouden wordt kan echter gedragsstoornissen gaan vertonen, en bijvoorbeeld zijn baas als partner gaan beschouwen, of sexueel gefixeerd raken op een spiegeltje of speeltje.
Het drinkwater en het voer moeten elke dag ververst worden. Haal lege zaaddoppen weg. Ook het badje moet schoongemaakt worden. Vervang eens per week de bodembedekking en maak de zitstokken schoon. Bekijk af en toe de nagels en snavel om te zien of deze niet te lang doorgroeien.
Was goed uw handen na het hanteren van de vogel of het verschonen van de kooi, papegaaiachtigen kunnen ziekten (zogenaamde zoönosen) op mensen overbrengen.

Voeding

Een grasparkiet eet in het wild vele soorten graszaden, maar gedijt in gevangenschap het best op een gevarieerd menu van biologische zaden, groenten, vruchten en noten. Het is echter nogal bewerkelijk om dit dagelijks klaar te maken. Daarom zijn er voor grasparkieten speciale kleine pellets in de handel, zodat ze alle benodigde voedingsstoffen binnenkrijgen. Deze zijn te koop bij de dierenspeciaalzaak of de dierenarts. Krijgt uw grasparkiet geen voer in de vorm van pellets, dan kan het menu aangevuld worden met eivoer (met name in de kweekperiode). Dit moet wel elke dag ververst worden en mag niet nat worden. Geef nooit avocado of chocola. Dat is giftig voor vogels. Grasparkieten eten twee maal per dag: in de ochtend en vlak voor het slapengaan. Het beste is het, om 's ochtends fruit, noten en groenten te geven, en 's avonds pellets en/of zaden. Geef om de week wat maagkiezel apart in een bakje, de vogels hebben dit nodig om de zaden in de maag te kunnen fijnmalen. Meng het niet door het voer, want dan krijgen ze er te veel van binnen. Een stuk sepia is belangrijk om de snavel te slijpen en als kalkbron. Zorg voor schoon drinkwater, dat u aanzuurt door wat appelazijn toe te voegen. Dit remt de groei van bacteriën.

Van jong tot volwassen dier

Mannetje en vrouwtje zien er hetzelfde uit, op de neusdoppen na. Deze zijn bij het mannetje blauw, bij het popje (vrouwtje) bruin met een blauwachtig waasje. In de broedperiode zijn de neusdoppen van het popje geheel bruin. Bij jonge parkieten is het verschil moeilijker te zien, omdat beide sexen dan parelmoerkleurige, iets lichtbruine of lichtblauwe neusdoppen kunnen hebben. Bij albino vogels en sommige kleurslagen is niet te zien om welk geslacht het gaat. Voor geslachtsbepaling bij deze vogels kunt u het beste een DNA-test laten uitvoeren door een gespecialiseerd vogelarts. Grasparkieten zijn geslachtsrijp wanneer ze tussen de negen en tien maanden oud zijn. Het popje legt om de dag een eitje in een broedblok, meestal vier à vijf, maar soms wel negen stuks. Meestal begint het vrouwtje na het leggen van het tweede ei met broeden. Ze blijft daarna in het blok om te broeden, terwijl het mannetje haar voert. Na ongeveer achttien dagen komen de eitjes uit. Als ze vier tot vijf weken oud zijn, verlaten de jongen het nest. Ze hebben dan hun volwassen gewicht bereikt. Op een leeftijd van een week of zes kunnen de jongen voor zichzelf zorgen. Een goed verzorgde grasparkiet kan vijftien jaar oud worden. Mocht u onverhoopt niet meer voor uw grasparkiet kunnen zorgen, dan zijn er stichtingen die bemiddelen en adviseren bij adoptie.

Ziekten en erfelijke aandoeningen

Een gezonde grasparkiet is alert en levendig. De ogen zijn helder en de ontlasting is vrij stevig, grijsgroen met wit. Oude vogels zijn vaak herkenbaar doordat ze magerder zijn.
Een zieke grasparkiet zal niet gauw laten zien dat hij ziek is: grasparkieten zijn prooidieren, en je kwetsbaar tonen is vragen om gegrepen te worden door een roofdier. Wanneer een zieke grasparkiet 'bol' gaat zitten, is het meestal al te laat. Raadpleeg daarom altijd een dierenarts als u iets verdachts aan uw vogel opmerkt. Wie grasparkieten houdt, doet er goed aan ze jaarlijks te laten checken door een gespecialiseerd vogelarts.
Een dof verenkleed kan op een slechte conditie wijzen. Gele ontlasting kan wijzen op leverproblemen, iets wat bij deze vogels wel eens voor kan komen wanneer ze jarenlang alleen maar zaad hebben gegeten.
Ziekten kunnen o.a. worden veroorzaakt door virussen. Het polyomavirus veroorzaakt polyoma, ook wel kruipersziekte genoemd. Bij de lichte vorm groeien jonge vogels slecht. Ze krijgen een opgezette buik en de lever wordt aangetast. Bij de heftige vorm kunnen de dieren plotseling sterven.
Het circovirus veroorzaakt de beruchte PBFD (snavel- en veerrotziekte). Hierbij verliezen de vogels ineens hun veren en er komen afwijkende veren voor in de plaats. Ook komen snavelafwijkingen voor. Het afweersysteem wordt aangetast en er kunnen allerlei complicaties optreden. Bij grasparkieten is het zelfs zo dat een vogel tot zeven jaar het circovirus bij zich kan dragen zonder zelf ziek te worden. Het is dus erg belangrijk dat uw grasparkiet getest is, vooral wanneer u ook andere kromsnavels heeft of overweegt deze aan te schaffen. Deze kunnen namelijk besmet raken en overlijden.
Papegaaienziekte (psittacose) wordt veroorzaakt door een Chlamydia bacterie. Symptomen zijn een loopneus, moeilijk ademen en ontstoken ogen.
Bij grasparkieten komt ook wel KDS voor, het Kliermaag-dilatatiesyndroom, veroorzaakt door een virus. Hierbij worden de zenuwen die het maagdarmkanaal besturen, aangetast. Een andere ziekte is aspergillosis, een luchtwegaandoening veroorzaakt door schimmels. Door verminderde weerstand kunnen vogels deze ziekte oplopen.
Darminfecties kunnen het gevolg zijn van schimmels of bacteriën. Pas op dat u geen oud of beschimmeld fruit of ander voer in de kooi laat liggen.
Vogels kunnen niet tegen de damp van sterk verhitte pannen met anti-aanbaklaag (PTFE), ze kunnen hier snel aan sterven. Ook andere dampende stoffen zoals schoonmaakmiddelen, haarspray, deodorant of vlooienspray kunnen dodelijk zijn voor vogels.
Sommige ziekten, zoals de papegaaienziekte, behoren tot de zogenaamde zoönosen: ze zijn ook op mensen overdraagbaar.

Benodigde ervaring

Voor het op een verantwoorde wijze houden van dit huisdier is geen speciale ervaring nodig. Wel dient u zich van tevoren goed te informeren. Voor wie er zich echt in wil verdiepen, zijn er cursussen over gedrag van papegaaiachtigen.

Bijzonderheden

De beste tijd om een grasparkiet aan te schaffen is na de ruiperiode, omstreeks oktober/november. Grasparkieten koopt u het beste bij een kweker, die aangesloten is bij de NBVV, de ANBVV, Pakara of één van de andere bonden. U kunt ook bij een gespecialiseerde dierenwinkel terecht die zijn vogels betrekt van betrouwbare kwekers. Goede verkoopadressen zullen u ook richtlijnen over verantwoorde voeding verschaffen.Koop altijd een zelfstandig etend exemplaar om ernstige problemen te voorkomen.Officiële kwekers geven hun vogels een vaste voetring met het geboortejaar er op. Vogels zonder ring kunnen afkomstig zijn uit illegale vangst of van toevalsnestjes van een particulier.Laat kinderen nooit alleen met huisdieren!